Paragrafen 

Bedrijfsvoering

Organisatie

De ambtelijke organisatie van de gemeente Hengelo is volop in ontwikkeling. Na enkele jaren van bezuinigen ligt de focus nu sterk op de toekomst.

Naast onze eigen ambities maken ook belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen doorontwikkeling van onze organisatie noodzakelijk. Decentralisaties leiden tot een breder takenpakket en zijn een grote veranderopgave. Het streven naar optimale dienstverlening vraagt om zelfbewustzijn en excellente taakuitvoering. Complexe samenwerkingsvormen (zowel lokaal als regionaal) vergen andere sturing en flexibele inzet van mensen en middelen.

Verandering is de continue factor. Onze opgave is om als organisatie zo wendbaar te zijn dat op ontwikkelingen snel en adequaat wordt gereageerd. Onze organisatie, en daarmee onze medewerkers, moeten toekomstbestendig zijn. De vraag is, of onze huidige denkpatronen, structuren, organisatieprincipes en oplossingsrichtingen hiervoor toereikend zijn. Om in de complexe, turbulente werkelijkheid staande te kunnen blijven is er innovatie en creativiteit nodig in de organisatie. Dit zit niet in structuren of systemen maar in de collectieve kracht van mensen.

De directie heeft als leidraad voor onze houding en onze manier van werken drie kernwaarden benoemd:

  • De logica van de Hengeloër als uitgangspunt nemen.
  • Lef hebben, daar hoort keuzes maken bij, daadkracht tonen.
  • Dingen voltooien, door goed samen te werken.

Deze kernwaarden geven richting aan de manier waarop we de doorontwikkeling van onze organisatie vormgeven. Er vinden ontwikkelingen plaats in alle domeinen. Zo wordt er onder andere gewerkt aan één centrale toegang, een nieuwe visie op dienstverlening, Gildebor en de fysieke keten.

Doelen

Bereiken?Doen?
Een resultaatgerichte, effectieve en efficiënte organisatie Scherpe focus op de te bereiken resultaten vanuit de logica van de Hengeloër. Optimaliseren van de bedrijfsvoering en concern control. Door het innoveren van werkprocessen onder meer met behulp van informatietechnologie en het op grotere schaal gebruik maken van mobiele apparaten kan efficiënter worden gewerkt en de dienstverlening verder worden verbeterd.
Een flexibele organisatie met een grote mate van samenwerking, mobiliteit, creativiteit en innovatieHet aanpassen van onze organisatie aan alle veranderende eisen en omstandigheden is een continu proces. Enkele belangrijke ontwikkelingen in 2017 e.v.:Gildebor: is op1 januari 2017 naar verwachting de nieuwe organisatie voor beheer en onderhoud van de openbare ruimte, Gildebor. Gildebor is een samenwerking van de gemeentes Hengelo en Hof van Twente en SWB en is onderdeel van de GR SWB. Dienstverlening: heroriëntatie op ons dienstverleningsconcept vanuit de logica van de Hengeloër. Dit krijgt uitwerking op de thema’s Houding & Gedrag, Fysiek, Organisatie & Processen en Informatie.Sociaal: vanuit de transities in het sociaal domein is de fase van transformatie ontstaan. Dit betekent écht anders samenwerken met partners en burgers, meer vernieuwen en keuzes maken met lef. Fysieke keten: de veranderende omgeving vraagt om een open houding, gericht op samenwerking intern en extern. Denken in mogelijkheden, handelen met lef vanuit vertrouwen en rugdekking.

Personeel

Veranderingen in de organisatie en de wijze waarop het personeelsbeleid wordt vormgegeven en uitgevoerd moeten goed op elkaar aansluiten. Een modern personeelsbeleid dat aansluit bij de wensen van werknemers en de organisatiedoelstellingen is een voorwaarde voor goed werkgeverschap en een goed presterende organisatie.

Goed werkgeverschap gaat om meer dan het optimaal benutten en inzetten van de aanwezige competenties en kwaliteiten van medewerkers. Het moet uitnodigen tot ontwikkelen en leren, tot veranderen en verbreden van de inzetbaarheid. Dat laatste is juist in tijden van ontgroening en vergrijzing in combinatie met de te verwachten krapte op de arbeidsmarkt van groot belang. Voor de kernwaarde ‘werken met lef’ is persoonlijk leiderschap (werken vanuit de eigen passies, talenten en kracht) een belangrijk richtinggevend principe dat bijdraagt aan motivatie, effectiviteit en innovatie. We zullen in 2017 ook verder inzetten op leiderschapsontwikkeling.

Binnen het samenwerkingsproject ‘Twentse Kracht’ zetten we regionaal in op het gezamenlijk zijn van één aantrekkelijke Twentse Werkgever met een interne arbeidsmarkt zonder belemmeringen. In het najaar van 2016 wordt dit samenwerkingsverband geëvalueerd en zal duidelijk zijn in welke mate Hengelo in 2017 zal bijdragen en deelnemen aan dit samenwerkingsverband.

Doelen

Bereiken?Doen?
Modern en aantrekkelijk werkgeverschapZorgdragen voor een prettig werkklimaat, ruime ontwikkelmogelijkheden voor medewerkers en aandacht voor talentontwikkeling.
Sociale werkgever die haar maatschappelijke verantwoordelijkheid neemtHet invulling geven aan het in 2016 ontwikkelde beleid om in het kader van de participatiewet extra banen te creëren voor mensen met een arbeidsbeperking.
Vergroten leervermogen en verbreden inzetbaarheidDiverse activiteiten en programma’s binnen de Hengelo Academie en de Twentse School.
Vergroten van mobiliteitStimulerende maatregelen en adequate begeleiding vanuit het Hengelose Ontwikkel Plein, waar mogelijk in regionaal verband met aandacht voor de rol van leidinggevenden hierin.
Medewerkers die goed toegerust zijn om binnen veranderende werkprocessen en met vernieuwende ICT-technologie te functionerenBij het implementeren van nieuwe technologieën en systemen en bij het aanpassen van werkprocessen is veel aandacht voor betrokkenheid en training van medewerkers.
Optimaal benutten van talenten en het stimuleren van persoonlijk leiderschapBewustwording van het belang van persoonlijk leiderschap in de organisatie vergroten en hiervoor activiteiten ontwikkelen.
LeiderschapsontwikkelingOrganiseren van een programma mbt leiderschapsontwikkeling en instrumenten ontwikkelen ter ondersteuning van leidinggevenden.
Integriteitsbewustzijn bevorderenHet ontwikkelen en uitvoeren van een plan met als doel het integriteitsbewustzijn en integer handelen te bevorderen.
Goede arbeidsomstandigheden (veiligheid, gezondheid en welzijn)Onderhouden van maatregelen gericht op fysiek en mentaal gezonde medewerkers waaronder extra aandacht voor agressie en geweld.
Een verlaging van het ziekteverzuim naar maximaal 4,5%.Blijvend aandacht voor de eigen regierol van leidinggevenden bij (langdurig) verzuim.

Arbeidsvoorwaarden

In 2016 worden ten gevolge van de vorige CAO grote wijzigingen doorgevoerd in de arbeidsvoorwaardenregeling die bijdragen aan modernisering en vereenvoudiging ervan, zoals een nieuwe werktijdenregeling, een nieuw beloningshoofdstuk en de eventuele invoering van het generatiepact.

Mede daardoor bevat de huidige CAO (1 januari 2016 tot 1 mei 2017) geen inhoudelijke verandering van de rechtspositie behalve concrete afspraken over salarisverhogingen en de aanvullingen op de hoogte en duur van WW uitkeringen.

In 2017 wordt het Individueel Keuzebudget (IKB) ingevoerd waardoor de medewerker meer keuzevrijheid krijgt. Het IKB is een budget dat medewerkers maandelijks flexibel kunnen inzetten voor bepaalde doelen. Het sluit aan bij de wens voor meer keuzevrijheid voor medewerkers en is daarmee een stap in de richting van de modernisering van de arbeidsvoorwaarden.

Er wordt zoveel mogelijk afgestemd met de overige Twentse gemeenten om eventuele belemmeringen op het gebied van samenwerking, ontwikkeling en mobiliteit weg te nemen. Uitgangspunten hierbij blijven aantrekkelijk werkgeverschap en vereenvoudiging.

Bereiken?Doen?
Individueel Keuzebudget Implementeren
Zoveel mogelijk dezelfde arbeidsvoorwaarden in TwenteAfstemming houden met Twentse gemeenten

Informatievoorziening /-technologie

De organisatie blijft sterk inzetten op het verhogen van de efficiency van de bedrijfsvoering. We zetten actief in op samenwerking met andere gemeenten in de regio op het terrein van ICT. Uitgangspunt blijft dat we een goede dienstverlening willen bieden aan onze burgers. Het belang van ICT als middel om dit te bereiken neemt nog steeds toe.

Bereiken?Doen?
Dienstverlening aansluiten op de digitale agenda 2017 en 2020: realiseren van een verbeterde interne/ externe (elektronische) dienstverlening.Na de zomer van 2016 zal het Programma ‘(digitale) Dienstverlening’ worden opgestart. Vanuit dit programma zullen diverse projecten onderdak krijgen. Dit zal gebeuren vanuit de thema’s Houding & Gedrag, Fysiek, Organisatie & Processen en Informatie. Bijvoorbeeld het implementeren van nieuwe communicatietechnologieën waardoor de burger eenvoudig en vooral sneller met de gemeente kan communiceren. Daarnaast besteden we aandacht aan de realisatie van nieuwe producten en/of diensten op basis van ‘Cocreatie’ met burgers of ondernemers. Ook aan het digitaal aanbieden van informatie over producten, aangevraagde producten, persoonlijke gegevens, enzovoort via hengelo.nl en één of meerdere portalen (incl. de benodigde aansluiting op landelijke inlogmechanismen) wordt de komende periode gewerkt. Tenslotte besteden we ook aandacht aan de positionering van het klantcontactcentrum (KCC) en de daaruit voortvloeiende informatiebehoefte en de realisatie daarvan.
Innovatie in bedrijfsvoering:Implementeren van efficiënte processen door innovatieve technologieën De positionering van het centrale zaaksysteem verder uitbreiden door de implementatie van de Zaak-DMS-service (standaard koppelvlak) tussen het Zaaksysteem en de backoffice systemen voor sociale zaken. Daarmee kan efficiencywinst worden behaald. De formulieren in het digitale loket worden aangesloten op het zaaksysteem.Verdere ontwikkeling van de basisregistraties met als doel overal binnen de gemeente eenduidige informatie te gebruiken.Een efficiencyslag kan worden verkregen door meer gebruik te maken van mobiele apparaten ‘in het veld’. Na de implementatie (najaar 2016) van mobile device management (MDM), worden diverse projecten opgestart om medewerkers te ondersteunen met het meer en meer buiten de fysieke kantoormuren te kunnen werken.Faciliteren ICT innovatie in manieren van werken, bijvoorbeeld door software aan te schaffen die het mogelijk maakt om samen aan bedrijfsdoelen te werken. Dit ter voorbereiding van de realisatie van het nieuwe stadskantoor. Hiervoor wordt een apart programma gestart. Dit om de wensen van de organisatie om flexibel werken mogelijk te maken.Inzet van technologie om vereenvoudiging en versnelling van stappen in de uitvoering van processen te realiseren.
Decentralisaties: Van transitie naar transformatieTwee jaar na de overdracht van taken op het gebied van zorg, jeugd en participatie is de impact steeds duidelijker geworden. De noodzaak bestaat om verdergaande procesautomatisering en innovatie toe te passen om de burger integraal te benaderen. Aspecten als privacy en zorgvuldig omgaan met cliëntinformatie speelt hierbij een belangrijke rol.
Beveiliging:Optimale bescherming bieden van ons netwerk en dataEen optimale beveiliging van zowel het netwerk als de data (met persoonsgegevens) is essentieel. Maatregelen om te voldoen aan de BIG (Baseline Informatiebeveiliging Gemeenten) worden de komende jaren geïmplementeerd. Bij de nieuwbouw wordt met beveiliging rekening gehouden. Bewustwording van het onderwerp informatiebeveiliging en privacy bij het personeel krijgt aandacht.
Samenwerken: samenwerking in Twente verstevigen en uitbouwenDe dynamiek en complexiteit van samenwerken in Twente en de gevolgen voor ICT vergen veel inzet. De gemeente Hengelo werkt samen met Oldenzaal en deze relatie wordt de komende jaren verstevigd. Daarnaast zijn er regelmatig verzoeken om ICT ondersteuning in de regio die onderzocht moeten worden op haalbaarheid en de gevolgen voor de interne dienstverlening. Ook binnen het SSNT wordt samengewerkt, waarbij Hengelo een actieve rol vervult. Naast ICT wordt ook samengewerkt op andere terreinen, zoals bijvoorbeeld Sociale Zaken. Dit vergt verdergaande ICT samenwerking en afstemming.

Control en auditing

Concern control en auditing ondersteunen het management en de concern control functie bij de continue verbetering van de besturing en de beheersing van de gemeentelijke organisatie. Daarvoor is nodig dat:

  • Beleidsvoornemens, planningen en normen voldoende toetsbaar zijn.
  • Besluiten in overeenstemming met geldende wet- en regelgeving worden genomen.
  • Planning en control instrumenten er voor zorgen dat producten en diensten op norm en conform verwachtingen worden geleverd.
  • Tussentijdse rapportages zo zijn ingericht dat zelfsturend en lerend vermogen van de ambtelijke organisatie wordt gestimuleerd.
  • Het bestuur verantwoording af kan leggen over gekozen doelen, gemaakte keuzes, getroffen maatregelen, wijze van uitvoering en gerealiseerde prestaties in de jaarverslagen.
  • Een organisatie die aan deze voorwaarden voldoet is ‘In Control’.

Doelen

Bereiken?Doen?
Toetsbare beleidsvoornemensEvaluatie door multidisciplinaire leesteams van account functionarissenVaststellen dat de verbeterpunten in de plannen en beleidsvoornemens zichtbaar zijn.
Rechtmatigheid (compliance) Opstellen, uitvoeren en verbeteren van het Jaarlijks Intern Controle Plan.Inzicht in de rechtmatige uitvoering van de begroting door tussentijdse voortgang rapportages.
Stuurbare sectorjaarplannenToezien op Smart geformuleerde beleidsvoornemens, logica, interne consistentie, betrouwbaarheid en relevantie.Toezien op betrouwbaarheid van niet financiële indicatoren als bijvoorbeeld de dienstverlening prestaties.
Betrouwbare management informatieBeheerafspraken vastleggen van alle centrale informatiesystemen.Ontsluiten van de centrale informatiesystemen via Cognos10 in overleg met het management
Transparante verslaggevingOpstellen van standaard rapporten in Cognos10Toetsing van de Maraps door account functionarissenKennis bevorderen in samenwerking met Hengelo Academy
Versterking van het leervermogenAandacht voor risico identificatieKennis over risicomanagement bevorderen via de opleidingsplannen van de sectoren.
Organisatie In ControlDoor ontwikkelen van risicomanagement bij verbonden partijenUitvoeren van proces-auditsVaststellen dat bij kritische processen de interne beheersmaatregelen aantoonbaar effectief zijn

Inkopen van diensten, leveringen van werken

In 2017 wordt de professionalisering van de inkoopfunctie verder vormgegeven. Mede op basis van een aantal wetswijzigingen en beleidsinitiatieven die in de jaren 2015 en 2016 zijn ingezet. De belangrijkste hiervan zijn:

Op 1 juli 2016 zijn er aanpassingen gedaan aan de Aanbestedingswet 2012. Onder andere de verplichting tot het digitaal uitvoeren van het aanbestedingsproces per 1 juli 2017 brengt een grote uitdaging mee in de bedrijfsvoering.

In het jaarverslag van de accountant wordt jaarlijks een aantal aanbevelingen ten aanzien van de inkoopfunctie gedaan. Het inkoopproces is mede de oorzaak van het niet verkrijgen van een goedkeurende verklaring op de jaarrekening 2015. Daarom leeft sterk de wens om op dit proces meer grip te krijgen. Er is in 2016 een project gestart om het rechtmatigheidsprobleem uit het verleden op te lossen (‘veegactie’) en het in de toekomst te voorkomen (‘verplichte inkooptoets’ & ‘tenderboardtoets’).

In 2015 heeft de Kring van Twentse Gemeentesecretarissen opdracht gegeven onderzoek te doen naar intensiveringsmogelijkheden van de samenwerking op het gebied van inkoop. Dit rapport heeft in 2016 geleid tot een nadere opdracht om onderzoek te doen naar de beste samenwerkingsvorm. Een nadrukkelijke zoekrichting voor deze samenwerking is gevonden in het Twentebedrijf, maar ook andere opties zullen in 2017 worden afgewogen. Zowel het gezamenlijke uniforme beleid als ook de uniformiteit van het inkoopproces binnen de Twentse gemeenten is onderdeel van dit onderzoek.

In 2017 zullen de Twentse Gemeenten (‘Samen 14’) op zoek gaan naar mogelijke transformaties in het sociaal domein. Op welke manier kan innovatie in zowel proces, inhoud en marktbenadering worden aangebracht binnen de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo). In 2017 worden essentiële keuzes gemaakt voor de daaropvolgende jaren. Dit op basis van financiële en organisatorische afwegingen. In 2017 wordt bovendien invulling gegeven aan de opdracht om het werkleerbedrijf SWB vaker bij gemeentelijke inkopen te betrekken, om de bezuiniging op de gemeentelijke bijdrage te compenseren.

Grote projecten als de bouw van het nieuwe stadskantoor, Backbone Warmtenet Hengelo en de renovatie van het Twentebad komen in de uitvoerende fase. In deze aanbestedingstrajecten is getracht de (financiële) kansen en risico’s door een goede projectmatige aanpak te kunnen beheersen. In de uitvoerende fase wordt duidelijk of deze inspanningen de gewenste effecten hebben. Voor deze projecten is 2017 daarom een beslissend jaar.

In Hengelo (vaak in samenwerking met de andere 13 Gemeenten in Twente) willen we rechtmatiger en vooral ook doelmatiger inkopen. Met het totale beïnvloedbare inkoopvolume (normbedrag jaarlijks € 1500 per inwoner inclusief de Wmo) kunnen we veel bereiken. In eerste instantie een goede kwaliteit qua diensten, leveringen en werken tegen een acceptabele prijs. Daarnaast willen we de lokale en regionale economie bevorderen, innovatie stimuleren en maatschappelijk verantwoord ondernemen aanjagen (SROI en duurzaamheid). Dat gaat uiteraard niet vanzelf. In de afgelopen jaren zijn afspraken gemaakt waardoor de kans op positieve effecten van het ingezette beleid vergroot kunnen worden.

Bereiken?Doen?
In staat zijn te sturen op inkoopresultaten op concern-niveau: in control over het inkoopproces. En uiteindelijk deze resultaten ook kunnen meten. Gemaakte afspraken over het inkoopproces consequent naleven. Te denken hierbij valt aan de verplichte inkooptoets (rechtmatigheid) en de Tenderboardtoets (doelmatigheid). Ook de verplichting tot digitaal aanbesteden opnemen in het inkoopproces.
Bewuste keuzes in het Sociaal Domein: innovatieve zorg inkopen in relatie tot financiële uitdagingen.Het organiseren van een goede wisselwerking tussen de inkooporganisatie binnen het sociaal domein en concern inkoop/concern control.
Regionale samenwerking verder optimaliseren.Implementatie van de adviezen vanuit het onderzoek van de Kring Twentse Gemeentesecretarissen en/of de invulling geven aan de (inkoop)samenwerking binnen het Twentebedrijf.
Resultaten aanbestedingen grote projecten (Stadskantoor, Backbone Warmtenet, Twentebad) verzilveren. Door adequate directievoering en toezicht (contractmanagement) de kans op succesvolle uitvoering en realisatie van deze projecten verhogen.

Huisvesting

In 2016 zijn, na het raadsbesluit in januari jl. over de renovatie van het stadhuis en de nieuwbouw van het stadskantoor, de bouwkundige en installatiebestekken uit 2014 geactualiseerd en is de 2e fase (de gunningsfase) van de Europese Aanbesteding uitgevoerd.

Na de definitieve gunning van de aanbestedingspercelen starten de werkzaamheden – met inachtneming van de voorbereidingstijd van de aannemers – zo snel mogelijk. Deze werkzaamheden hebben een doorlooptijd van circa 21 maanden met een verwachte afronding in 2018. Het jaar 2017 staat daarmee volledig in het teken van concrete bouw- en renovatieactiviteiten van het nieuwe stadskantoor en het bestaande stadhuis.

Bereiken?Doen?
Nieuwbouw van het stadskantoor en renovatie van het stadhuis.Uitvoering van de werkzaamheden door de per perceel geselecteerde aannemers uit de gunningsfase van de Europese Aanbesteding nieuwbouw stadskantoor en renovatie stadhuis.Directievoering en bouwtoezicht door externe partijen.Inrichting van de diverse ruimten in beide panden met werkgroepen en extern advies.Gemeentelijke projectleiding over het geheel van de werkzaamheden.

Herziening Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV)

In het Staatsblad nummer 101 is het Besluit van 5 maart 2016 geplaatst. Dit is de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De invoering gaat gepaard met een aantal wijzigingen dat bijdraagt aan een verbeterde interne sturing door provinciale staten en de raad, alsmede aan een betere vergelijkbaarheid tussen provincies en tussen gemeenten. In de Kadernota 2017-2020 bent u op pagina 22 tot en met 24 op hoofdlijnen geïnformeerd over deze wijziging. Hieronder wordt daar nogmaals op ingegaan. Gelet op de impact op de begroting wordt er voor de raadsleden een presentatie verzorgd waarin de belangrijkste wijzigingen worden toegelicht.

Naar aanleiding van het Wijzigingsbesluit zijn er een aantal richtinggevende notities door de commissie BBV gepubliceerd over Grondexploitaties 2016, Faciliterend grondbeleid, Rente en Overhead. De laatste twee notities zijn door de commissie BBV in juli 2016 gerectificeerd. In aanvulling op het wijzigingsbesluit doet de commissie BBV in de aanvullende notities aanbevelingen en stellige uitspraken over aspecten die niet geregeld worden met het besluit, maar waar in de praktijk wel veel vragen over zijn c.q. discussie over is.

Het Wijzigingsbesluit richt zich op:

1.een uniforme indeling in taakvelden2.een uniforme basisset van beleidsindicatoren3.een uniforme basisset van financiële kengetallen4.verbeterde informatie over verbonden partijen5.vernieuwing van de accountantscontrole6.inzicht in de overheadkosten7.overige aanpassingen

De belangrijkste gevolgen voor de begroting en jaarstukken in het kort:

De BBV-wijzigingen betreffende de grondexploitaties worden uitgebreid toegelicht in de paragraaf 6.4 Grondbeleid. De wijzigingen in het kader van de notitie rente worden beschreven in de paragraaf 6.5 Financiering. De toelichting op de notitie overhead en met name op de definitie overhead wordt verder op gegeven.

1) Een uniforme indeling in taakvelden

De uniforme indeling in taakvelden in de begroting en jaarstukken in het kader van de zogenaamde uitvoeringsinformatie is uitgewerkt in een ministeriële regeling. Er is een definitieve lijst van de taakvelden op 19 juli 2016 gepubliceerd. De verplichte verdeling van baten en lasten over de taakvelden in het kader van de informatie voor derden kan in een bijlage bij de begroting worden opgenomen.

2) Een uniforme basisset van beleidsindicatoren

Het proces van besluitvorming over de begroting is een cruciaal moment om ook richting te geven aan het beleid. Het is daarbij van belang om goede afwegingen te kunnen maken over wat de te verwachten effecten op het beleid zijn. De gemeenteraad moet op dit beslissende moment in de beleidscyclus een oordeel kunnen vormen over de behaalde beleidsresultaten uit het verleden en een inschatting kunnen maken van de (met het voorgestelde beleid) te behalen resultaten in de toekomst. Om te bewerkstelligen dat de resultaten van de beleidsmatige inspanning van de gemeente meer inzichtelijk worden en een grotere rol in de begrotings- en verantwoordingscyclus te kunnen laten spelen, wordt voorgeschreven dat het programmaplan per programma beleidsindicatoren bevat die voor de beleidsdoelstellingen relevant zijn. Daarnaast draagt dit bij aan meer beter vergelijkbare resultaten tussen gemeenten, doordat de basisset van beleidsindicatoren uniform is. De voor de basisset ontwikkelde indicatoren voor gemeenten zijn door een werkgroep onder leiding van de VNG en KING ontwikkeld en samengesteld. De 39 verplichte beleidsindicatoren die zijn bij ministeriële regeling vastgesteld. Het staat de gemeenten verder vrij om naast de voorgeschreven indicatoren uit de basisset eigen indicatoren, toegesneden op de eigen situatie, toe te voegen. Hoe meer indicatoren, hoe minder groot de kracht van de indicatoren is onze veronderstelling. Daarom zijn er naast de verplichte indicatoren slechts enkele andere indicatoren opgenomen. In de basisset ligt de nadruk op outcome-indicatoren waardoor de indicatoren door de gemeenteraad kunnen worden gebruikt voor sturing op maatschappelijke effecten.

3) Een uniforme basisset van financiële kengetallen

De wijzigingen in verband met de opname van een uniforme set financiële kengetallen zijn al tot stand gebracht in een wijzigingsbesluit in 2015 en opgenomen in de paragraaf ‘Weerstandsvermogen en risicobeheersing’ van de Beleidsbegroting 2016-2019 en het Jaarverslag 2015.

4) Verbeterde informatie over verbonden partijen

Gemeenten blijven verantwoordelijk voor de taken die zij door verbonden partijen laten uitvoeren. In toenemende mate wordt een beroep op andere organisaties gedaan via uitbesteding, via inkoop of subsidiëring of via uitvoering door verbonden partijen. De diversiteit van de verbonden partijen neemt bovendien toe, evenals het financiële en beleidsmatige gewicht ervan; bij de gemeenten wordt dit versterkt door de decentralisaties in het sociale domein. Het is daarom belangrijk dat de gemeenteraad in het begroting- en verantwoordingsproces de benodigde informatie krijgt om de bijdrage van verbonden partijen aan de realisatie van de programma’s en de daarmee gepaard gaande risico’s te kunnen beoordelen. Dit wordt daarnaast ook meegewogen in het proces van horizontale sturing en verantwoording.

Voor een adequate verantwoording hoe verbonden partijen bijdragen aan de realisatie van de doelstelling van de programma’s is het niet alleen noodzakelijk inzicht te hebben in hun beleidsmatige prestaties van verbonden partijen maar ook in hun financiële positie. Vaak is wel bekend hoeveel wordt bijgedragen aan het budget dat verbonden partijen ter beschikking staat, maar ontbreekt het zicht op de financiële stabiliteit van de verbonden partijen en de mate waarin ze bijdragen aan de output of de beoogde maatschappelijke doelen.

5) Vernieuwing van de accountantscontrole

De voorstellen met betrekking tot de vernieuwing van de accountantscontrole verkeren nog in een fase van nadere uitwerking en zullen op een later moment neerslaan in de voorstellen tot wijziging van de wet- en/of regelgeving.

6) Inzicht in de overheadkosten

Om de gemeenteraad op eenvoudige wijze meer inzicht te geven in de totale kosten van de overhead voor de gehele organisatie en ook meer zeggenschap over die kosten te geven, wordt voorgeschreven dat in het programmaplan een apart overzicht moet worden opgenomen van de kosten van de overhead. In de programma’s hoeven dan alleen de kosten te worden opgenomen die betrekking hebben op het primaire proces. Doordat het overzicht in het programmaplan wordt opgenomen is het niet langer nodig om op een complexe wijze de overheadkosten aan programma’s toe te rekenen. Dit vergt minder administratieve lasten en leidt tot een eenduidiger budgetbeheer in de organisatie. Er komt meer inzicht in de omvang van de kosten van het primair proces in het algemeen en de overhead in het bijzonder, wat kan leiden tot een betere beheersing van deze kosten. De verantwoording aan de gemeenteraad over deze kosten wordt transparanter. Bovendien neemt de vergelijkbaarheid toe van de kosten van overhead en de kosten van het primair proces.

In samenhang met de besluiten tot een verbeterd inzicht in de overheadkosten, bevat het besluit ook vereisten om de kostenonderbouwing van de heffingen (waaronder leges) transparanter te maken.

Notitie overhead en definitie overhead

In het document ‘Hoofdlijnen vernieuwing BBV’ is het uitgangspunt voor de definitie overhead vastgelegd, dat kosten zoveel mogelijk direct worden toegerekend aan de betreffende producten (taakvelden in de nieuwe informatie voor derden). Dit betekent dat alle bedrijfskosten die direct verbonden zijn aan producten die gericht zijn op de externe klant, in de betreffende producten (taakvelden) moeten worden geregistreerd. De overhead wordt centraal begroot en verantwoord op de nieuwe overheadproducten P040 in onze begroting (het nieuwe taakveld 0.4 Overhead). Daarentegen mag de overhead nog wel worden toegerekend aan grondexploitaties, investeringen en andere (subsidie)projecten.

In het Wijzigingsbesluit vernieuwing BBV wordt de definitie nader geduid. Uit de toelichting van het Wijzigingsbesluit vernieuwing BBV blijkt dat de definitie voor overhead uit de Vensters voor Bedrijfsvoering is gehanteerd als uitgangspunt voor de definitie van overhead binnen het BBV.

Om te kunnen vaststellen welke kosten verband houden met de sturing en ondersteuning van het primaire proces en zodoende gerekend kunnen worden tot de overhead, wordt in de notitie overhead de definitie van de overhead geïntroduceerd. Deze definitie luidt: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces.

Op hoofdlijnen bestaat de overhead in elk geval uit:

  1. Leidinggevenden primair proces (hiërarchisch)
  2. Financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie
  3. Personeel & Organisatie / human resource management
  4. Inkoop (inclusief aanbesteding en contractmanagement)
  5. Interne en externe communicatie
  6. Juridische zaken
  7. Bestuurszaken en bestuursondersteuning, niet zijnde de griffie
  8. Informatievoorziening en automatisering (ICT)
  9. Facilitaire zaken en Huisvesting
  10. Documentaire informatievoorziening
  11. Managementondersteuning primair proces

De uitgebreide toelichting op de notitie overhead is te raadplegen op de website van de van de commissie BBV: http://www.commissiebbv.nl/thema/vernieuwing-bbv/.

Om uw raad op eenvoudige wijze inzicht te geven in de totale kosten van de overhead voor de gehele organisatie wordt in het begrotingsprogramma 7 ‘Bestuur, veiligheid en openbare orde’, waarvan de bedrijfsvoering een onderdeel is, de totale lasten en baten van de overhead in een apart ‘Overzicht van de overheadkosten’ weergegeven.

7) Overige aanpassingen

Investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut

Het besluit verplicht om nieuwe investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut vanaf het begrotingsjaar 2017 af te schrijven over de te verwachten levensduur. De enige uitzondering hierop betreffen de kunstvoorwerpen met een cultuur-historische waarde. Investeringen met maatschappelijk nut zijn investeringen in de openbare ruimte, zoals wegen, bruggen en parken.

Vpb-plicht

Voor de regels die zijn opgenomen in verband met de invoering van de Vpb-plicht geldt dat provincies en gemeenten vanaf het eerste boekjaar dat aanvangt op of na 1 januari 2016 belastingplichtig zijn, indien zij een fiscale onderneming drijven. Dat betekent dat de gemeente daarmee in de (lopende) begroting van 2016 al rekening mee moest houden. Provincies en gemeenten die belastingplichtig zijn als gevolg van de Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen kunnen lopende het begrotingsjaar via een begrotingswijziging voldoen aan de wijze waarop de heffing van de vennootschapsbelasting via dit wijzigingsbesluit in de begroting en jaarrekening dient te worden opgenomen en te worden verantwoord.

De Vpb-plicht heeft (potentieel) gevolgen voor de financiën van provincies en gemeenten. De Vpb-heffing is een nieuwe last die tot nu toe niet voor komt in de begroting en in de jaarrekening. Voorts zal de eventuele Vpb een nieuwe post zijn op de balans van decentrale overheden, aangezien de Vpb-heffing over het betreffende boekjaar per ultimo boekjaar nog niet feitelijk zal zijn verrekend met de Belastingdienst.

De wijziging van het BBV die samenhangt met de Vpb-plicht, zijnde het schrappen van de zogenaamde categorie ‘Niet in exploitatie genomen grond’ (NIEGG), betekent dat grond die niet meer (en nog niet) als bouwgrond in exploitatie kan worden aangemerkt vanaf 2016 in de jaarrekening als materiële vaste activa moet worden opgenomen. Het besluit voorziet er in dat gemeenten voor het bepalen en verwerken van eventuele afwaarderingen van deze gronden een overgangstermijn hebben van vier jaar vanaf 1 januari 2016. Het bepaalde ten aanzien van de bouwgronden in exploitatie wordt ook, in afwijking van de algemene inwerkingtreding, van kracht met ingang van de begroting- en jaarrekeningstukken 2016. Voor de gemeente Hengelo zijn de NIEGG gronden al op de juiste waarde gewaardeerd en hoeft er geen afwaardering meer plaats te vinden.

Beter inzicht in het EMU-saldo en geprognosticeerde balans in de financiële begroting

Met het oog op een betere raming en beheersing van het EMU-saldo wordt voorgeschreven dat bij de uiteenzetting van de financiële positie een geprognosticeerde balans wordt opgenomen, als ook de berekening van het EMU-saldo. Dit geldt ook meerjarig. Met het opnemen van een geprognosticeerde balans krijgt de gemeenteraad meer inzicht in de ontwikkeling van onder meer investeringen, het aanwenden van reserves en voorzieningen en in de financieringsbehoefte.

De geprognosticeerde balans voor het begrotingsjaar en de meerjarenraming moet tenminste de posten bevatten die nodig zijn om het voor de gemeente geldende aandeel in het EMU-saldo te kunnen afleiden.

Openbare lichamen o.g.v. Wet gemeenschappelijke regelingen

Omdat openbare lichamen ingesteld op grond van de Wgr eerder hun begroting moeten opstellen zullen de wijzigingen van dit besluit voor het eerst doorwerken in de begrotingsvoorbereiding voor het jaar 2018.