Paragrafen 

Lokale heffingen

Lokale heffingen hebben tot doel dat de gemeente door het verwerven van eigen middelen dekking vindt van haar uitgaven in het kader van de uitvoering van de gemeentelijke taken. De invoering, wijziging of intrekking van lokale heffingen dient door middel van een door de gemeenteraad vast te stellen verordening te geschieden. De definitieve vaststelling van de tarieven door de gemeenteraad vond plaats in de raadsvergadering van 8 november 2016. De lokale heffingen bestaan uit de gemeentelijke belastingen, rechten en retributies. Deze vormen een belangrijke inkomstenbron voor de gemeente, welke vooral door de burgers dienen te worden opgebracht. Lokale belastingen worden onderscheiden in heffingen waarvan de besteding gebonden dan wel ongebonden is. Ongebonden lokale heffingen (OZB en hondenbelasting) worden tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend, omdat zij niet aan een inhoudelijk begrotingsprogramma zijn gerelateerd. De besteding is niet gebonden aan een bepaalde taak. Gebonden heffingen, zoals de afvalstoffen- en rioolheffing, worden verantwoord op het betreffende programma en worden niet tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. Voor het betalen van rechten en retributies verricht de gemeente diensten. De kosten van de gemeentelijke dienstverlening worden doorberekend in de tarieven. Het beleid is er op gericht deze kosten zoveel mogelijk te beperken en daar waar mogelijk rechtvaardiger te verdelen. Hierdoor wordt een evenwichtige lastenverdeling bereikt.

Volgens artikel 26 van het Besluit Begroting en Verantwoording dient de paragraaf een verantwoording te bevatten van hetgeen in de begroting is opgenomen en bevat aldus:

  1. de verantwoording van de geraamde inkomsten;
  2. het beleid ten aanzien van de lokale heffingen;
  3. een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, waarin inzichtelijk wordt gemaakt hoe bij de heffingen, waar de geraamde baten de geraamde lasten niet mogen overtreffen, de inkomsten zich verhouden tot de lasten;
  4. een aanduiding van de lokale lastendruk;
  5. een beschrijving van het gevoerde kwijtscheldingsbeleid.

De paragraaf Lokale Heffingen geeft inzicht in de diverse gemeentelijke belastingen en de consequenties daarvan voor de inwoners van gemeente Hengelo.

De verantwoording van de geraamde inkomsten

Van elke euro die huishoudens en bedrijven in Nederland aan belastingen en sociale premies betalen gaat in 2017 3,4% naar de gemeenten. De decentrale overheden nemen samen 5% voor hun rekening, de rijksoverheid 95%. Het aandeel van de gemeente Hengelo aan ontvangen belastingen en retributies bedraagt in dit geheel € 45,6 miljoen.

Grafiek: uit Coelo-atlas overzicht van de lokale lasten 2017

Beleid ten aanzien van de lokale heffingen

Ontwikkeling tarieven

De tarieven voor de riool- en afvalstoffenheffingen zijn geraamd op basis van het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt gestreefd naar 100% kostendekking. De rioolheffing steeg daarom met 3,5% en bij de afvalstoffenheffing werd het vaste bedrag met € 6 verhoogd en werd ook het bedrag per aanbieding van een restcontainer verhoogd. De OZB tarieven werden met 1,8% verhoogd. De voor 2017 vastgestelde tarieven voor de overige belastingen en rechten stegen met een inflatiecorrectie van 1,2%, uiteraard met uitzondering van die tarieven, die het rijk heeft vastgesteld, dan wel gemaximeerd.

Macronorm OZB

Hiermee wordt de grens bedoeld van de jaarlijkse stijging van de totale OZB-opbrengst voor alle gemeenten bij elkaar. Ter voorkoming van een onevenredige stijging van de collectieve lastendruk is een macronorm ingesteld. Het schrappen van de limitering van de OZB mag niet leiden tot een onevenredige stijging van de collectieve lastendruk. Op basis van de macronorm moet een onevenredige stijging van de collectieve lastendruk worden voorkomen en zo nodig gecorrigeerd.

De macronorm is een landelijke norm en niet een norm voor individuele gemeenten. Met de areaalontwikkeling wordt dan ook niet op individuele basis rekening gehouden. Deze wordt landelijk benaderd en wel doordat de economische groei wordt meegenomen in de macronorm.

De macronorm voor het jaar 2017 was 1,97%. De in het bestuurlijk overleg financiële verhoudingen afgesproken evaluatie van de systematiek van de macronorm is nog niet afgerond.

Uitbreiding lokaal belastinggebied

Het kabinet Rutte II heeft in een brief d.d. 24 juni 2016, kenmerk 2016-0000356712, aan de Tweede Kamer bouwstenen gegeven voor een hervorming van het lokaal belastinggebied. Verschuiving van Rijks- naar gemeentebelastingen zou op de agenda van het het nieuw te vormen kabinet moeten staan. In het regeerakkoord van het kabinet Rutte III komt de uitbreiding van het lokaal belastinggebied niet aan de orde.

Overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen

Gemeenten zijn beperkt in de soorten belastingen die ze mogen heffen. Deze zijn limitatief opgesomd in de wet. Naast belastingen, heft de gemeente rechten en leges voor individuele dienstverlening aan haar burgers. De tarieven van deze rechten en leges dienen zodanig vastgesteld te worden dat de geraamde opbrengsten de geraamde kosten voor het verlenen van de diensten niet overschrijden. De opbrengst van deze zogeheten gebonden heffingen dient alleen ter bestrijding van de kosten die de gemeente voor de betreffende dienstverlening maakt.

De gemeente is vrij in de besteding van de opbrengst van de ongebonden heffingen (algemene belastingen). De gemeentelijke belastingen en retributies die in 2017 in Hengelo worden geheven zijn:

Mate van kostendekking van de gebonden belastingen

Per heffing wordt in onderstaande overzichten de mate van kostendekking weergegeven. Op begrotingsbasis moet steeds sprake zijn van maximaal 100% kostendekking. In werkelijkheid kan dit licht afwijken. Op grond van de gewijzigde regelgeving moet voor de bepaling van de mate van kostendekkendheid naast de directe kosten een bedrag voor overhead en BTW worden toegerekend. Voor de toerekening van de overhead is uitgegaan van de werkelijk aan de relevante kosten toe te rekenen uren vermenigvuldigd met het bij de begroting 2017 vastgestelde voorcalculatorische tarief van € 32 per uur. Algemene informatie over de diverse heffingen is te vinden in de paragraaf lokale heffingen in de begroting 2017.

Een aanduiding van de lokale lastendruk

De hoogte van de gemeentelijke woonlasten krijgt regelmatig aandacht in de media. Onder woonlasten verstaan we: onroerendezaakbelastingen, afvalstoffen- en rioolheffing. Het zijn belastingen en tarieven waarmee ieder huishouden in een gemeente jaarlijks te maken krijgt.

Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) publiceert jaarlijks de Atlas van lokale lasten. Men vergelijkt daarin per gemeente de woonlasten van een woning met een voor die gemeente gemiddelde waarde. Echter COELO gebruikt een andere systematiek voor de berekening van de afvalstoffenheffing en wijkt daarmee af van de Hengelose systematiek. Voor de berekening van de onderstaande woonlasten sluiten we voor de afvalstoffenheffing aan bij de Hengelose systematiek (op basis van het het gemiddeld aantal ledigingen) die we ook jaarlijks gebruiken bij de begroting. De tariefsaanpassingen voor de OZB, afval- en rioolheffing leiden voor een gemiddeld gezin (met eigen woning) tot de volgende woonlastenontwikkeling in de periode 2015-2017:

Woonlastenontwikkeling201520162017
OZB Eigenaar 246,10259,78264,38
Afvalstoffenheffing (meerpersoons)250,94250,94247,64
Rioolheffing193,80205,68212,88
TOTAAL690,84716,40724,90

De lasten stegen in 2017 ten opzichte van 2016 met 1,2%% voor de eigenaar/bewoner van een woning. Voor de huurder van een woning stegen de woonlasten met bijna 0,9%, omdat deze geen onroerende-zaakbelastingen betaalt.

Rangorde van Twentse gemeenten naar hoogte van de gemeentelijke woonlasten,

uitgaande van gemiddelde waarden van woningen (o.b.v. COELO)

  bruto woonlasten
éénpersoonshuishoudenmeerpersoonshuishouden
2016201720162017
Rijssen-Holten580569633617
Oldenzaal647648707694
Twenterand627655724750
Losser724768724768
Wierden706718759771
Almelo775773775773
Tubbergen698696779774
Enschede741716775775
Hellendoorn645666751776
Hengelo651674747780
Borne765783765783
Haaksbergen783794833845
Hof van Twente775777824848
Dinkelland775781855859
Overijssel682684745752

Een beschrijving van het gevoerde kwijtscheldingsbeleid

De gemeente moet bij het vaststellen van kwijtschelding landelijke regels toepassen. Binnen deze mogelijkheden zijn de volgende eigen beleidskeuzes gemaakt:

  • Voor de ozb, onderhoudsrecht begraven, riool- en voor het vast recht bij de afvalstoffenheffing is kwijtschelding mogelijk, waardoor minima geen woonlasten betalen;
  • Voor extra containers wordt geen kwijtschelding afvalstoffenheffing verleend en ook geen kwijtschelding rioolheffing bij een grondslag > 500m3
  • Bij de normkosten van bestaan wordt uitgegaan van 100% van de bijstandsnorm;
  • Ondernemers voor de privébelastingen zijn gelijkgesteld met particulieren;
  • Kosten voor kinderopvang worden in aanmerking genomen als uitgaven bij de berekening van de betalingscapaciteit en;
  • Bij de normkosten van bestaan voor AOW’ers wordt uitgegaan van 100% van de netto AOW-norm.

In 2017 is voor € 1.280.000 kwijtschelding verleend van gemeentelijke belastingen in het kader van het minimabeleid.