Paragrafen 

Financiering

Inleiding

De paragraaf financiering beschrijft de beleidsvoornemens ten aanzien van het beheer van de financieringsportefeuille. Vanwege de risico’s die ontstaan als een tekort aan liquide middelen optreedt of als overtollige middelen te voortvarend worden uitgezet, is de financiering, meer dan andere beleidsterreinen, sterk wettelijk verankerd. Met name de Wet Fido en de uitvoeringsregeling van deze wet (Ruddo) geven de kaders aan waarbinnen gemeenten mogen handelen. Een van de wijzigingen die daarin sinds 2014 van kracht zijn is het verplichte schatkistbankieren: alle tegoeden van decentrale overheden worden automatisch afgeroomd en bij het rijk belegd. Daarnaast hebben we als gemeente in de Financiële beheerverordening en in het Treasurybesluit regels met betrekking tot de financieringsfunctie opgesteld. Bij de vernieuwing van het BBV zijn uniforme kengetallen verplicht gesteld. Deze moeten er voor zorgen, dat alle gemeenten bij de waardering van hun financiële positie gebruik maken van kengetallen, die op voorgeschreven wijze zijn berekend. Belanghebbenden kunnen daardoor een objectief beeld krijgen van de toekomstbestendigheid van gemeenten en kunnen gemeenten onderling vergelijken. De rekenregels voor rentetoerekening zijn aangepast. De toepassing daarvan is in een Notitie Rente van de commissie BBV vastgelegd.

Wat wilden we bereiken en hoe hebben we dit in 2017 uitgevoerd

We wilden de doelstellingen nastreven zoals vastgelegd in de financiële verordening en Treasurybesluit. In 2017 is hier als volgt mee omgegaan.

  • We beschikten over voldoende financiële middelen om de begrotingstaken binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te kunnen voeren. Hiervoor hebben we optimaal gebruik gemaakt van kasgeldleningen, waarvoor een rentevergoeding werd ontvangen. Hiermee is gerealiseerd, dat de totale rentedruk op onze producten zo laag mogelijk was in 2017. Volgens de huidige liquiditeitsprognose neemt onze financieringsbehoefte eerst toe als gevolg van grote investeringen en aflossingen van geldleningen en zal deze na 2021 afnemen. Dit heeft ons doen besluiten om medio 2017 2 geldleningen van € 15 mln. aan te trekken voor een relatief korte duur (5 en 6 jaren) met uitgestelde stortingen in 2018 en 2019. In 2017 zijn geen nieuwe geldleningen gestort.
  • De toegang tot de financiële markten is gegarandeerd. Bij een liquiditeitsbehoefte vragen we bij meerdere partijen offertes op. Hierbij zijn zowel de sectorbanken BNG Bank en NWB Bank als makelaars, die de gehele markt overzien, betrokken. Deze marktwerking heeft gezorgd voor gunstige rentetarieven.
  • We hebben daarbij de kapitaal- en rentemarkt gevolgd om te voorkomen, dat we te laat zouden besluiten om kort geld te consolideren in langdurige geldleningen en zo een te groot renterisico zouden lopen. Mede daarom zijn de hiervoor genoemde 2 nieuwe geldleningen afgesloten. Door financiering met kasgeldleningen is onze (duurdere) kredietfaciliteit bij de huisbank BNG Bank niet aangesproken.

Beleidsontwikkelingen treasury in 2017

Kapitaalmarkt en geldmarkt in 2017

In 2017 hebben de geld- en kapitaalmarktrentes zich rond een vaste trendlijn bewogen. Voor leningen met een duur van 10 jaren lag de marktrente rond de 1,8%. Voor de laagrisico leningen (gemeente-BNG) lag het niveau zelfs rond de 1,6%. Berichten van de ECB over halvering van steunmaatregelen waren nauwelijks van invloed. De korte rente heeft zich bewogen tussen de -0,3% en -0,4%. De inflatie was nog steeds historisch laag, een teken dat het vertrouwen van de consument in de economie nog onvoldoende hersteld was.

Geld uitzetten

De Wet Fido is aangescherpt om te voorkomen, dat gemeenten gaan “bankieren”, met alle risico’s daarvan. Wij hebben ons beleid m.b.t. het uitzetten van geld in 2014 al scherper gesteld. In 2017 hebben we zeer terughoudend gereageerd op verzoeken om geld te lenen of om uitstel te verlenen voor aflossing van bestaande geldleningen. Het publiek belang blijft voorop staan. Daarom is besloten om in twee gevallen nieuwe afspraken te maken over aflossing van bestaande geldleningen. Nieuwe contracten voor uitgeleend geld zijn niet aangegaan. Wij hebben verenigingen en andere instellingen waaraan we in het verleden geld geleend hebben toegestaan om finaal af te lossen en in de markt een goedkopere lening af te sluiten. In 2017 liep de leningenpositie van instellingen terug van € 60 mln naar € 59,6 mln. Een algehele aflossing van ruim € 1 mln. is contractueel geregeld, maar in januari 2018 pas notarieel gepasseerd.

Onze geldleningen aan woningbouwcorporatie Welbions worden bij einde contract afgelost en niet verlengd. De leningenpositie is in 2017 afgenomen van € 371 mln. naar € 349 mln.

Beheer Leningenportefeuille

In 2017 hebben we een onafhankelijke deskundige onze leningenportefeuille laten doorlichten. Naast adviezen over toekomstige financiering kwam hieruit naar voren, dat er geen winstkansen in de leningenportefeuille aanwezig waren, die onbenut zijn gelaten. Een periodieke inkijk door een onafhankelijke partij zorgt er voor, dat we treasury zo optimaal mogelijk blijven invullen.

Integrale gemeentelijke financiering

We gaan uit van het systeem van integrale financiering. We lenen niet voor projecten of investeringsplannen, maar voor het totaal van de behoefte die er in de tijd ontstaat.

Omdat we niet voor projecten, producten of programma’s lenen berekenen we op voorhand, in de begroting, de toerekening van rente aan projecten en producten (omslagrente) voor het betreffende jaar. Dit is het gemiddelde van de rentevoet op al onze aangetrokken financieringen.

In de begroting 2017 hebben we als omslagrente 3,75% gehanteerd en voor grondexploitaties 2%. Deze percentages zijn in 2017 toegepast. De rente voor grondexploitaties is achteraf bijgesteld naar 2,73%. Conform de voorgeschreven berekeningswijze in de notitie grondexploitaties 2016 van de commissie BBV passen we een correctie toe voor het deel dat we financieren met eigen vermogen. De rente aan de andere programma’s en producten is niet bijgesteld. Vooruitlopend op de licht dalende gemiddelde rente van onze leningportefeuille hanteren we in 2018 een naar beneden bijgestelde rekenrente voor omslag naar de programma’s of producten.

Het volgende overzicht geeft de totstandkoming van het renteresultaat weer.

Bedragen in euro x 1.000

1) Het renteresultaat is een positief renteresultaat

Kasgeldlimiet

De Wet Fido schrijft voor, dat de gemiddelde netto vlottende schuld de kasgeldlimiet niet mag overschrijden. Hiermee wordt voorkomen dat overheden teveel financieren met kort geld en daarmee te sterk onderhevig zijn aan de ontwikkelingen op de rentemarkt.

Bedragen in euro x 1.000

In 2017 is de kasgeldlimiet niet overschreden, zoals blijkt uit de laatste regel in het vorige overzicht.

Renterisiconorm

Wij lopen geen renterisico met lang doorlopende geldleningen met vaststaande rentepercentages. We lopen wel renterisico als herfinanciering d.m.v. nieuwe geldleningen moet plaatsvinden of als m.b.t. bestaande geldleningen een renteherziening plaats gaat vinden. Wij lopen dan het risico, dat de actuele nieuwe rente voor leningen afwijkt van de rente die voordien voor de financiering betaald werd. De renterisiconorm ziet er op toe dat niet een te hoog bedrag aan leningen in het jaar opnieuw in de markt gezet moet worden. We gaan daarom uit van spreiding van aflossings- en herzieningsmomenten. De wet Fido bepaalt, dat in een jaar niet meer dan 20% van het begrotingstotaal opnieuw gefinancierd mag worden. In 2017 hebben we twee nieuwe langlopende geldleningen aangetrokken met stortingen in 2018 en 2019. Voor twee leningen bereikten we een renteherzieningsdatum in 2017. Voor 2017 en de 3 volgende jaren is volgende overzicht te geven:

Bedragen in euro x 1.000

Financiering van deelnemingen

Vaak heeft financiering van andere rechtspersonen in een ver verleden plaatsgevonden en had deze financiering een relatie met de publieke functie van het bedrijf. De boekwaarde van deze deelnemingen is vaak veel lager dan de reële waarde van de deelneming. De hogere marktwaarde biedt beperkte kansen, omdat de aandelen veelal niet vrij verhandelbaar zijn. In 2017 heeft de provincie Overijssel aangeboden om de aandelen Vitens over te nemen. Deze aandelen zijn in december 2017 overgedragen. De verkoopopbrengst komt ten gunste van het resultaat 2017. Hoewel de aanloop van de overdracht al in juni 2017 begon, was pas in het laatste kwartaal duidelijk dat we een opbrengstresultaat van € 4 mln. gingen realiseren. Daar staat tegenover, dat we toekomstige dividenden niet meer gaan ontvangen.

In volgende tabel zijn de deelnemingen opgenomen, die een meer dan symbolische balanswaarde vertegenwoordigen of een dividendinkomst genereren.

Bedragen in euro

  1. De marktwaarde van aandelen is puur indicatief en niet meer dan een theoretisch concept. Omdat deze aandelen niet vrij verhandelbaar zijn, kan de waarde alleen met vuistregels worden benaderd. Voor Enexis is de marktwaarde afgeleid van de waarderingsopinie die Deloitte jaarlijks opstelt. Voor Twence is deze afgeleid van de intrinsieke waarde van de onderneming.